Veteranenwet 2011

 

Op donderdag 27 oktober 2011 is in de Tweede Kamer der Staten Generaal de Veteranenwet unaniem aangenomen. De wet is op 8 november door de Commissie Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking (BDO) van de Eerste Kamer behandeld. Deze commissie had geen opmerkingen of vragen over het wetsvoorstel. Ook de plenaire vergadering van de Eerste Kamer stemde op 19 december unaniem met dit wetsvoorstel in.

Hoofdthema in het wetsvoorstel is de zorgplicht voor de veteranen: voor, tijdens en na de uitzending. Waarborgen zijn opgenomen voor het behandelen van hen die in problemen zijn gekomen. Militairen die als gevolg van hun missie niet kunnen werken, krijgen 80 in plaats van 70 procent van hun laatste salaris. Er komt ook een speciale ombudsman voor het behandelen van klachten van veteranen.

Tijdens het debat in de Tweede Kamer werd duidelijk dat er nog velen zijn die hulp nodig hebben, er is zelfs sprake van het nog inlossen van een ereschuld. Minister van Defensie Hans Hillen heeft op 29 november in overleg met de ministeries van Financiën en Buitenlandse Zaken de financiële middelen gevonden voor het treffen van een schadeloosstellingregeling voor zogenoemde oude veteranen. Het betreft hier een groep van militairen die voor 1 juli 2007 gewond is geraakt door het uitoefenen van de militaire dienst onder buitengewone of daarmee vergelijkbare omstandigheden. Met deze oplossing is een einde gekomen aan een periode van onzekerheid voor de veteranen. Voor de militairen die na 1 juli 2007 gewond zijn geraakt, was al eerder een regeling getroffen.

Nu het wetsvoorstel is goedgekeurd, zullen ook de militairen in werkelijke dienst aangemerkt worden als veteraan, indien zij over uitzendervaring beschikken. Effectuering heeft op 30 juni 2012 tijdens de te Den Haag gehouden landelijke Veteranendag plaatsgevonden. De minister van defensie maakte dat op die dag bekend.

De tekst van o.a. de Memorie van Toelichting kunt u lezen door hier te klikken. In dat document wordt uitgelegd waarom de zorgplicht beter kan worden geregeld en waarom het nodig is om ook militairen in actieve dienst de status van veteraan te geven. Dit was overigens al in een in februari 2011 door de heer Pechtold ingediende en goedgekeurde motie afgesproken.